Helaas kan je kind te maken krijgen met geweld. Hij kan het toevallig zien. Bijvoorbeeld op straat. Jongeren kunnen slachtoffer worden van geweld. Of ze kunnen zelf dader zijn. Er is lichamelijk geweld en geestelijk geweld.
Voorbeelden van geweld
- Oorlog. Dit geweld ziet je kind regelmatig op televisie. Zijn er geen militairen in de familie? Dan staat dit ver van je kind af.
- Slaan en schoppen. Dit is lichamelijk geweld. Bijvoorbeeld een vechtpartij tussen jongeren. Of mishandeling: dan is er een dader en een slachtoffer.
- Pesten. Bijvoorbeeld als een kind niet mee mag doen van de rest van de groep. Bij pesten proberen mensen de baas te zijn over anderen. Dit kan geestelijk en lichamelijk geweld zijn.
- Negeren. Als je iemand negeert, doe je alsof hij of zij er niet is. Iemand die genegeerd wordt, voelt zich vaak heel eenzaam en ongelukkig.
- Bedreiging. Iemand die wordt bedreigd, voelt zich niet veilig. En is bang. Wordt je kind bedreigd? Dan zegt iemand bijvoorbeeld tegen hem dat hij hem gaat slaan.
- Geweld op internet. Op internet bestaan websites met plaatjes van situaties met geweld. Soms worden jongeren gepest op MSN. Of via e-mails. Dat heet cyberpesten. En dat is ook een soort geweld.
- Overlast. Soms houden mensen geen rekening met anderen. Bijvoorbeeld als ze hun muziek te hard zetten. Of troep op straat gooien. Dat is ook een soort geweld.
Meer informatie
Kijk voor meer informatie op de website van de Stichting Tegen Zinloos Geweld.